Een eenakter voor senioren.

Zeven personages. Vijf vrouwen twee mannen

Het speelt zich af in een wat verouderd appartementencomplex, dat opgezet is voor ouderen, maar nu door gebrek aan belangstelling ook door enkele jongeren wordt bewoond. Dat leidt van tijd tot tijd tot schermutselingen. Niet iedereen is even flexibel. De meeste ouderen vinden, het is goed en dat hebben wij altijd zo gedaan.

’t Decor is de conversatie/recreatiezaal van het appartementencomplex. ’t Heeft een deur. Er is ook een raam. Deze ruimte wordt voor verschillende doeleinden gebruikt. Bewoners kunnen er gezamenlijk koffie drinken, ’n kaartje leggen of ’n feestje geven. Er staan een stuk of wat tafeltjes en stoelen. In te richten naar de grootte van het toneel. Er is een hoek waar ze koffie kunnen pakken. Daar staan ook kopjes en glazen. Er staat ook ’n kistje waar het geld in moet. Door de sterke sociale controle gaat dat bijna nooit mis. Bij dit stuk is een toneel of coulissen niet noodzakelijk. Het kan gespeeld worden met minimale middelen.

 

 

Voorwoord:

De bewoners van “de Zon” wonen al een hele poos samen in ’t appartementencomplex. De sfeer onderling is niet altijd om over naar huis te schrijven. Omdat ze elkaar behoorlijk op de lip zitten en zo langzaam maar zeker te veel van elkaar weten kunnen ze van ’n mug ’n olifant maken. Er is ook behoorlijk wat ergernis over ’t feit dat in de appartementen die leeg komen te staan jongeren worden gehuisvest. Dat vroeger alles veel beter was hoor je dan ook geregeld. Zo gauw er sprake is van sloop breekt er paniek uit onder de senioren.

 

Tiny van Luttenberg: Bewoonster. Een zeurpiet, die alles beter weet. Voelt zich veel meer dan de rest. Is hooghartig en heel heeft heel veel make-up op. Chic gekleed.

Thea Janssen: Bewoonster. Waait zo’n beetje met alle winden mee. Karakterloos figuur. Valt wat kleding betreft zeker niet op, wat je noemt ’n grijze muis.

Wim Wevers: Bewoner. Kan niet zo goed tegen een geintje, is nogal snel op zijn teentjes getrapt

Marjan van der Berg: Bewoonster. Als zij wat zegt hoef je niet na te vragen. Zit meestal te breien. Heeft haar vaste plekje voor het raam en is ook niet blij als daar een ander gaat zitten.

Frans Driessen: Bewoner, Ziet het leven wel van de zonnige kant.

Imca Driessen: De vrouw van Frans, is ’n beetje somber en negatief ingesteld.

Ellen ten Paske: ’n oudere, jonge bewoonster. Is (bijna)altijd goedgemutst.

Stem 1 en stem 2: telefoonstemmen aan het einde van het stuk